drum-info > achtergrond

Weetjes over je drumkit!

Vellen
Naast het materiaal waar de trommels van gemaakt zijn, bepalen de vellen op die trommels het uiteindelijke geluid. Een minder goed drumstel kan dan ook door professionele vellen (die goed gestemd zijn!) heel aardig klinken. Als je niet meer tevreden bent over de klank van je oude kitje, probeer dan eens een nieuwe set vellen, eventueel van een ander merk; wellicht is het probleem dan opgelost.

Er zijn vellen te koop in vele soorten en maten. We kennen bijvoorbeeld dunne, dikke, dubbellaags en gedempte vellen. Dubbellaagsvellen staan bij drummers op leeftijd ook wel bekend als ‘olievellen’. Deze naam slaat de plank helemaal mis: er zit namelijk geen druppel olie tussen de twee vellen. Waarom denken we dan olie te zien? De zogenaamde olievlekken ontstaan doordat het licht gebroken wordt door de twee vellen. (Hier kun je aardige weddenschappen mee winnen!) De meeste vellen worden tegenwoordig gemaakt van duurzaam kunststof, hoewel je een enkele keer ook nog wel eens kalfsvellen tegenkomt.



Basdrumpedalen
Basdrumpedalen zijn op talloze manieren in te stellen en te verstellen.
De klopper: je kunt kiezen uit vilt, kunststof of hout. Elk materiaal geeft een ander speelgevoel en klank. Daarnaast kun je nog kiezen uit diverse groottes: je hebt kleine en grote kloppers.
De klopperstang: aan de klopperstang zitten vaak gewichten die je kunt verschuiven om zo jouw favoriete zwaartepunt in te stellen. Hoe verder naar boven, hoe meer ‘zwiep’ je klopper krijgt.
Het voetblad: het voetblad is vaak in de lengte in te stellen, afhankelijk van de grootte van je voet. Ook de hoek die het blad met de grond maakt, is in te stellen (m.a.w. je kunt het voetblad schuiner of juist minder schuin zetten).

Je kunt basdrumpedalen onderverdelen in enkele en dubbelpedalen. Met een dubbel-basdrumpedaal kun je je tweede basdrum thuis laten (scheelt veel ruimte in de auto, gesjouw en opbouwtijd), omdat je met twee kloppers op een basdrum speelt.
Er zijn diverse soorten basdrumpedalen in de handel. Probeer ze in de winkel en kijk wat het best bij jou past. Maar, je bent gewaarschuwd: hoeveel fratsen er ook op je pedaal zitten, als je speeltechniek niet goed is, kun je een pedaal kopen met alles erop en eraan, maar je gaat er echt niet beter door spelen!



De snaredrum
Een snaredrum klinkt heel goed met een simpel wit, enkel-laags gecoat bovenvel. Je behoudt dan het hoog van de snare. Een vel met ingebouwde dempring dempt iets meer, waardoor een snare minder knallend hoog klinkt is. Er zijn ook snaredrumvellen met een zwarte ‘dot’ in het midden. Ook deze vellen geven meer demping en gaan wat langer mee, omdat de plaats waar je het vel raakt wat dikker is.
Het ondervel is altijd een superdun resonantievel, dat je niet als slagvel kunt gebruiken. Je zou er onherroepelijk deuken in slaan.



De bassdrum
Een hele gave combinatie is de volgende: als slagvel gebruik je een enkellaags vel met ingebouwde dempring. Die ring zorgt eigenlijk al voor voldoende demping, zodat een kussen of deken in je basdrum niet meer nodig is! Je speelt hierdoor wel een lange klank die niet in alle muziekstijlen past. Bij jazz is deze combinatie goed bruikbaar. In metal is ze niet bruikbaar omdat door de hoge tempi het bassdrumgeluid al gauw een brei zal worden. Je kunt ook een handdoek oprollen die je in de bassdrum tegen het slagvel plaatst. Je klopper stuitert dan niet meer direct terug en je speelgevoel wordt wat duidelijker. Als je in het voorvel ook nog een niet te groot gat maakt (bijvoorbeeld met behulp van een klein bekken en een scherp mesje), klinkt deze combinatie echt ‘moddervet’: je krijgt een korte klank met heel veel laag.


Gebruiksduur van de vellen
Afhankelijk van je speelstijl (speel je braaf of geef je ‘m van katoen), zullen je vellen lang of kort meegaan. Nieuwe vellen geven het beste geluid als je ze goed hebt ingespeeld. De klopper van de basdrum raakt het vel altijd op dezelfde plaats, waardoor het slagvel van een basdrum sneller slijt dan bijvoorbeeld het vel op toms. Door het vel regelmatig een kwartslag te draaien, kan het vel van de basdrum langer meegaan.


De bekkens
Kun je bij toms vaak met wat eenvoudige middelen als tape, een zakdoek of een kwalitatief goed vel, wel een acceptabele klank bereiken, bekkens vertellen een ander verhaal. Goed klinkende bekkens zijn duur. Heb je eenmaal een goede set aangeschaft, kun je daarvan jarenlang plezier hebben.
Wanneer je een bekken lelijk beschadigd hebt, is daar niets meer aan te doen. Neem het volgende advies heel serieus: gebruik een goede bekkenkoffer, ontwikkel een goede speltechniek en leen je bekken niet uit!



Waar let je op als je nieuwe bekkens koopt?
De prijs! Bepaal vooraf je budget en zoek daarbij bekkens.
Een populair merk heeft meestal een hogere prijs. Belangrijk is dat je vooral naar je eigen wensen (en portemonnee) kijkt en niet naar de bekkensetup van je (vaak gesponsorde!) held, ook al is dat verleidelijk. Zoek bekkens die het beste bij jouw muziek en speelmanier passen. Jazz vraagt bijvoorbeeld om andere bekkens dan speed-metal. De samenstelling van een bekken beïnvloedt de prijs. Hoe hoger het percentage van een duur metaal dat is toegepast, hoe hoger de prijs.
Kleine bekkens zijn over het algemeen goedkoper dan grote. Dat neemt niet weg dat er ook dure splashbekkens zijn, maar dan zijn de rides van dezelfde lijn uiteraard nog duurder.

Een bekken kan op twee manieren worden vervaardigd:
1. de wat eenvoudiger soorten worden machinaal gehamerd. Hierdoor klinken twee exact gelijke bekkens ook precies hetzelfde.
2. Twee handgemaakte gelijke bekkens zullen verschillend klinken met een unieke setup tot gevolg. Jouw eigen geluid, maar daarvoor betaal je dan ook een hogere prijs!
Het is belangrijk dat je nieuwe aankoop goed klinkt bij de rest van je spullen. Goed uittesten in de winkel en de bekkens die je al had meenemen!
Het is niet noodzakelijk om al je bekkens van het zelfde merk te kopen. Het is heel goed mogelijk om bekkens van diverse merken met elkaar te combineren. Misschien ben je op zoek naar een bepaalde klankcombinatie die je niet binnen een bepaalde bekkenlijn kunt vinden; in dat geval kun je naar hartenlust experimenteren. Je onderscheidt je daarmee van de grote massa en dat is ook wat waard natuurlijk!

Waarop let je als je gebruikte bekkens koopt?
Je kunt uiteraard ook op zoek gaan naar gebruikte bekkens.
Bekkens hebben de eigenschap om steeds naar hetzelfde punt terug te draaien als je erop gespeeld hebt. Bij rides valt dat mee, omdat die vaak wat zwaarder zijn, maar crashes doen dat wel. Dat betekent dat je een crash altijd op dezelfde plek raakt. Hierdoor zul je op den duur aan de rand scheurtjes krijgen.
Als je een tweedehandsje koopt, ken je meestal niet de geschiedenis. Als de vorige eigenaar de moer op de bekkenstandaard heel vast draaide, zodat de crash geen kant op kon bij elke dreun, loop je de kans dat het bekken wat eerder aan zijn eind komt. Het vervelende is, dat je dat niet kunt zien. Het blijft oppassen. Maak een goede afweging op basis van de inhoud van je portemonnee.


Stemmen van je drumstel
Goed stemmen van je trommels: een hele klus! Maar ook hier wint de volhouder en kun je het stemmen onder de knie krijgen. Een duur drumstel met de nieuwste tomophangsystemen zullen, als ze niet goed zijn gestemd, klinken als een slecht B-merk! Hoe moet dat dan, goed stemmen? Een trommel heeft meestal twee vellen, namelijk een bovenvel (of slagvel) en een ondervel (of resonantievel). Hierdoor krijg je een aantal mogelijkheden bij het stemmen:
• het bovenvel strakker dan het ondervel,
• het bovenvel losser dan het ondervel,
• beide vellen gelijke spanning.

Elke mogelijkheid levert een andere klank op. Jij bepaalt wat je het mooist vindt klinken.
Als je veel tijd hebt en je wilt heel nauwkeurig te werk gaan, haal je eerst je drumstel uit elkaar. Als je dit één keer goed doet, ben er voor lange tijd vanaf. De toms en snaredrum kun je het beste op een kussen plaatsen zodat het vel waar je niet aan draait helemaal gedempt is. Je hoort dan alleen het vel wat je wilt stemmen. De basdrum leg je plat op de grond. Als je weinig tijd hebt, of bijvoorbeeld alleen maar een slagvel hoeft te vervangen, laat je gewoon alles staan.

Begin met een basisspanning die voor alle spanbouten hetzelfde is. Die bereik je door eerst alle bouten helemaal los te draaien en vervolgens met je handen weer aan te draaien, zo vast als je kunt. Let op: doe dit steeds met twee bouten tegelijk, die precies tegenover elkaar liggen. Zo bereik je dat het vel recht op de trommel wordt gespannen. Daarna pak je een stemsleutel en draai je stukje voor stukje elke bout aan. Niet bout voor bout, maar ook hier weer kruislings. Draai net zolang totdat je denkt dat je trommel goed klinkt.

De volgende stap is wat lastiger. Het gaat er nu om dat je een vlakke toon krijgt. Tot nu toe heb je ervoor gezorgd, als je tenminste zorgvuldig te werk bent gegaan, dat elke bout even strak is aangedraaid. Het kan echter zijn dat de toon nog niet helemaal strak klinkt; als het ware nog ‘flubbert’. Je moet nu door opnieuw aan de bouten te draaien, proberen om de toon vlak te krijgen. Sommige bouten zul je dan ook een beetje losser en anderen zul je een beetje vaster moeten draaien. Tipje: als het vel bij een bepaalde bout niet klinkt, ben je altijd geneigd om aan die bout te draaien. Probeer juist eens een keer de tegenoverliggende bout. Vaak werkt dit perfect!


Het stemmen van de snaredrum
Een paar tips voor het stemmen en eventueel dempen van de snaredrum.
Het is vaak lastig een snaredrum goed klinkend te krijgen. Een goede truc die bijna in alle gevallen werkt: draai het slagvel aan. Dit doet vaak wonderen, omdat het vel vaak te los staat.

Soms ook klinkt een snaredrum niet omdat de snarenmat te strak is aangedraaid. Je hoort de snaren niet wanneer je zacht speelt. Draai, terwijl je heel zacht op het vel slaat, de mat steeds losser, totdat je de snaren begint te horen.
Bij snaredrums heb je, ondanks nauwkeurig stemmen, vaak last van jankende boventonen. Een heel klein stukje tape lost vaak dit probleem al op. Met de nadruk op ‘klein’, want als je teveel gebruikt, wordt er juist weer teveel ‘hoog’ weggehaald. Je kunt ook dempringen uit oude snaredrumvellen snijden. Je kunt dan zelf de dikte van de ring bepalen. De ringen die je in de winkel kunt kopen zijn vaak wat breed en dempen te veel.

Heb je eindelijk je snaredrum goed gestemd, rammelen je snaren weer als je op je toms slaat of als je bassist zijn versterker eens lekker open knalt. Dat is heel vervelend, maar er is weinig aan te doen omdat snaren nu eenmaal reageren op trillingen. Snaren kunnen bij bepaalde frequenties meer of minder trillen. Bij de ene tom trillen ze wel en bij andere weer niet. Een trucje wat je hierbij goed kan helpen: verdraai het vel van de betreffende tom-tom iets, zodat je dus een iets andere toonhoogte krijgt. Waarschijnlijk hoor je dan al minder gerammel. Ook kun je de spanbouten aan weerszijden van de snarenmat iets verdraaien. Dit geeft ook wel eens een goed resultaat.

Wanneer je op het podium je ding doet, kun je last hebben van je bandleden die
datzelfde doen. Aan eventuele overlast van de collega-muzikanten kun je niets doen.
Zorg er overigens wel altijd voor dat je bij nummers zonder drums je snaren eraf haalt, want dat kan anders tot behoorlijk genante situaties leiden. Wen jezelf aan om de snaren eraf te halen op het moment dat je achter je drumstel vandaan komt.


Het stemmen van tom-toms
Het stemmen van tom-toms is iets lastiger dan het stemmen van de snaredrum. Bij toms moet je namelijk ook nog rekening houden met onderlinge toonhoogteverschillen, ook wel intervallen genoemd.
Je kunt als volgt te werk gaan. Breng de ondervellen zó op spanning dat je denkt dat er een goede klank gaat ontstaan. Als de ondervellen goed gestemd zijn (geen kreukels in het vel, strakke tonen), kun je de bovenvellen stemmen.

Je kunt als eerste de grootste tom zo laag mogelijk stemmen. Er gaat immers niks boven een lekkere floortom. Daarna kun je de andere toms stemmen. Laten we er even vanuit gaan dat je drie toms hebt. Zorg dat je veel klankverschil krijgt om te voorkomen dat alle toms uiteindelijk op elkaar lijken. Dat is natuurlijk niet de bedoeling! De kleinste tom zou je een ‘octaaf’ (twee maal zo hoog) hoger dan de floortom kunnen stemmen. De middelste tom stem je dan ten opzichte van de hoogste tom een ‘kwart’ lager. Als je het met een piano vergelijkt: van laag naar hoog: c-g-c’. Je kunt uiteraard ook andere verdelingen aanhouden. Sommige drummers hebben zoveel toms dat ze zelfs toonladders kunnen drummen (Terry Bozzio!).

Wat betreft dempen van toms: niet doen! Als je toms goed gestemd zijn, is de rol tape echt overbodig. Bovendien worden tegenwoordig alle drumstellen zo gebouwd dat je dat je toms lang na klinken (sustain). Op het podium klinkt dat gaaf; in een oefenruimte kan het wel storend zijn, omdat je bij snelle fill’s veel overlap krijgt en daardoor foutjes gemaskeerd worden.


Het stemmen van de bassdrum
Het stemmen van de bassdrum is niet moeilijk. Draai de stembouten van het slagvel zo los dat ze er bijna uitvallen. Draai het voorvel ook lekker los en als laatste een opgerold handdoekje erin! Op deze manier krijg je heel veel ‘laag’. Klankkleur is natuurlijk erg persoonlijk; experimenteer er op los en zoek naar een klank waarvan jij vindt dat hij het beste bij jou en je basdrum past. Een los slagvel heeft overigens nog een voordeel. Door de lage spanning zal de klopper van het pedaal niet zo heftig terug stuiteren en kun je hem beter onder controle houden. Het wordt dan ook makkelijker om de klopper tegen het vel te drukken, zodat je een strakke klap krijgt.



Zuinig op je oren!
Een goeie drummer weet zijn drums te raken. Als drummer sta je vaak bloot aan heel veel geluid in je repetitiehok of op een podium, bijvoorbeeld. Dat kan leiden tot gehoorbeschadigingen. Gehoorbeschadigingen sluipen als het ware binnen. Geleidelijk aan ga je minder goed horen. Zijn je oren eenmaal beschadigd, dan is daaraan niets meer te doen. Misschien ken je ook de verhalen van muzikanten die leven met een ‘piep’ in de oren of die lawaaidoof zijn.

Wanneer je af en toe eens 10 minuten achter je drumsetje zit is er natuurlijk minder aan de hand dan wanneer je 3 keer wekelijks optreedt met je metalband en regelmatig daarnaast repeteert. Hoe vaker en hoe langer je in de herrie zit, hoe slechter dat voor je gehoor is. Een gewaarschuwd mens telt voor twee: bescherm je oren, gebruik oordoppen!


Verschillende vormen gehoorbescherming
De herriestoppers. Gele schuimrubberen plugjes die je oprolt zodat ze in je oren passen. Ze zijn goedkoop en te koop bij elke huis- tuin- en keukendrogisterij. Eenmaal in je oor, zetten ze uit en sluiten je gehoorgang af. Ze doen hun werk perfect: je hoort helemaal niets meer! Dit is niet echt de meest muzikale oplossing omdat je ook je collega-muzikanten niet meer hoort... Bovendien, een stoere drummer die zich in het zweet werkt, waarbij gele uitstulpingen uit de oren puilen? Je kan op een leukere manier indruk maken.

Een wat duurdere oplossing vormen de oordoppen die de vorm hebben van parapluutjes. Deze zijn vaak te koop in muziekwinkels en ook wel bij een apotheek. De duurste oplossing: oordoppen op maat. Het draagcomfort is hoog, het materiaal is duurzaam, de dopjes gaan niet irriteren en het belangrijkste: je hoort alles goed. Je laat ze aanmeten bij een speciaalzaak voor hoortoestellen en gehoorbescherming. Deze oordoppen filteren de gevaarlijke pieken weg. Je kunt dus nog een mop vertellen op het podium tegen de bassist! De laatste vorm van gehoorbescherming: stop met drummen en word boswachter in een stiltegebied!